Ik vind dat ik het in huis moet kunnen hebben

Ik hoor ’m zó vaak: ik vind dat ik iets lekkers in huis moet hebben. Voor als er visite komt.” En elke keer denk ik: maar… is die gedachte eigenlijk wel realistisch? Wanneer komt er tegenwoordig nog onaangekondigd visite langs? En áls er iemand spontaan voor de deur staat, dan is de kans groot dat het iemand is die je goed kent. Want de meeste mensen durven niet zomaar onaangekondigd langs te komen. Iemand die jou goed kent, die weet meestal wel dat jij worstelt met eten. Denk je echt dat diegene verwacht dat jij jezelf elke dag triggert, voor het comfort van een ander?

Daarbij: we leven niet afgezonderd. Er is bijna altijd wel iets open, al is het een tankstation. Als het nodig is, kun je altijd nog iets halen. Het idee dat jij standaard iets lekkers in huis moet hebben, is dus vooral een idee. Geen noodzaak.

Wist je dat de meeste mensen ook proberen op te letten? Sterker nog: misschien vinden zij het stiekem wel prettig als er geen ‘lekkers’ is. We eten vaak niet omdat we willen, maar omdat het er is. Ook voor je visite.

Maar stel jezelf eens deze vraag:
👉verwachten we van iemand die wil stoppen met roken dat die sigaretten in huis heeft voor bezoek?
👉Of van iemand met een alcoholprobleem dat die alcohol bewaart ‘voor zijn visite’?

Natuurlijk niet.

Waarom zijn we bij eten dan ineens zo streng voor onszelf?

Misschien is het tijd om die gedachte niet langer als waarheid te zien, maar als wat het is: een overtuiging die je niet helpt.

Zachtheid begint soms met iets heel praktisch. Zoals besluiten: ik hoef het niet in huis te hebben. Omdat je goed voor jezelf zorgt. 💛

Praktische tip:
Wil je tóch iets op tafel zetten? Een schaaltje druiven, wat noten of iets anders simpels is vaak meer dan genoeg. Het gaat om samen zijn, niet om wat er ligt.

Vorige
Vorige

Zijn HSP’ers gevoeliger voor eetstoornissen?

Volgende
Volgende

Je bent goed zoals je bent…toch?